Met extra zorg investeren in onze netwerken
In het Regionaal Beleidsplan 2024-2027 ‘Focus op veiligheid, vandaag én morgen’ zijn 12 opgaven uitgewerkt waar VRHM mee aan de slag moet. Deze opgaven vormen – naast de dagelijkse werkzaamheden – het kompas voor de toekomst. In dit artikel vertellen we meer over de opgave ‘wij kennen onze partners’."

Netwerken is uiteraard niet nieuw voor VRHM, benadrukt adviseur crisisbeheersing Ingrid Nieuwenhuis. Wel anders. “Voorheen waren onze voornaamste partners degene die we tegenkwamen tijdens zogenoemde flitsrampen. Tegenwoordig worden we geconfronteerd met crisissen die complexer zijn, langer duren en waarbij de veiligheidsregio niet altijd de leiding heeft. COVID was in essentie een gezondheidscrisis, maar had effect op diverse hulpverleningsdomeinen. Het besef is er dat we als partners niet zonder elkaars kennis en vaardigheden kunnen. Of dat we als veiligheidsregio niet de capaciteit hebben om iets in ons eentje te doen, maar dat we het samen met partners en de samenleving moeten doen.”**
Wederkerigheid
Ingrid benadrukt dat samenwerken steeds meer gebeurt op basis van wederkerigheid. “Het draait niet alleen om wat je van een partner nodig hebt, maar ook om wat je kunt bieden. Dat je op basis van vertrouwen kennis met elkaar deelt en ook durft te praten over kwetsbaarheden. Dat kan alleen als er sprake is van een intrinsieke motivatie om met elkaar samen te werken en niet omdat het moet. De kracht van netwerkmanagement ligt ook in het feit dat iedere partner beschikt over een eigen achterliggend netwerk. Dat geldt zeker voor ons als veiligheidsregio. Wij kunnen verbindingen leggen tussen onze partners en hebben daar ook een leidende rol in.”
Om de gewenste verdieping aan te brengen in het netwerk van VRHM, pleit Ingrid voor een gestructureerde aanpak. Dit is ook vastgelegd in een ambitiedocument voor de komende jaren. “We streven naar regelmatig contact met onze partners, op basis van een vaste agenda en vastlegging in gespreksverslagen. Op die manier leren we elkaar als organisaties beter kennen en hangt samenwerking niet af van één persoon. Door vaker met elkaar te spreken, ga je beter begrijpen wat een partner nodig heeft. Soms zijn we te veel gefocust op onze eigen processen waardoor we bepaalde belangen niet onderkennen. Niet uit onwil, maar omdat we het niet zien.”
Wensenlijstje
Ook op het wensenlijstje: partnerschappen die zijn gericht op zelfredzaamheid van de samenleving. Ingrid: “Als veiligheidsregio zetten we ons in voor de zelfredzaamheid van bewoners. Dat betekent dat we partners moeten leren kennen die in contact staan mét bewoners. Denk bijvoorbeeld aan vrijwilligersorganisaties. We zouden ons samen met onze partners ook meer kunnen richten op risicomonitoring. Zodat we beter zien aankomen dat er mogelijk iets gaat gebeuren. Met de inrichting van het veiligheidsinformatieknooppunt (VIK) worden daar goede stappen in gezet. Die kennis kunnen we delen. En tot slot zouden de 25 veiligheidsregio’s in Nederland meer uniformiteit kunnen nastreven, zodat partners ook weten waar ze aan toe zijn als ze met meer veiligheidsregio’s tegelijk te maken hebben.”
‘De blik steeds meer naar buiten’
Een van de partners van VRHM is drinkwaterbedrijf en duinbeheerder Dunea. Maureen van Rijn, adviseur crisismanagement bij Dunea, onderschrijft de wederkerigheid in samenwerkingen.
“Crisisbeheersing is voor ons geen kerntaak”, zegt Maureen. “Dan is het fijn om een professionele partner als de veiligheidsregio te hebben die daar wel volledig op is ingericht. Daar kunnen wij van leren. Op onze beurt kunnen wij veel gebiedskennis inbrengen. Dat kwam bijvoorbeeld samen tijdens een CoPI-oefening waarbij het scenario van een duinbrand in Katwijk centraal stond. Voor ons is het belangrijk om eens te ervaren wat het inhoudt als je in een CoPI-bak zit en tegelijkertijd leert VRHM ons ook kennen als duinbeheerder. Dat is dubbele winst.”
“Ik merk dat in crisismanagement de blik steeds meer naar buiten is gericht”, vervolgt Maureen. “Bij Dunea is meer aandacht voor incidenten en risico’s waarvan de oorzaak niet bij onszelf ligt, maar die wel effect kunnen hebben op de kwantiteit en/of kwaliteit van ons drinkwater. Het contact met de veiligheidsregio heeft er onder meer toe geleid dat wij worden gealarmeerd bij grote branden in de buurt van onze drinkwaterinstallaties. Rook kan van invloed zijn op onze processen omdat we daarvoor buitenlucht gebruiken. Het kan ook helpen als wij vroegtijdig op de hoogte zijn van spannende situaties. Grootschalige stroomuitval heeft bijvoorbeeld effect op de beschikbaarheid van drinkwater. Wat is vervolgens het handelingsperspectief? Dat is informatie waar veel organisaties baat bij hebben.”