Waardevolle samenwerking na explosie Tarwekamp
Zaterdag 7 december om 6:18 uur wordt Den Haag opgeschrikt door een enorme explosie aan de Tarwekamp. Al snel wordt GRIP 2 afgekondigd. Er worden meerdere hulpverleningsteams ingezet, waaronder STH team-West vanuit Hollands Midden.

Rond half zeven wordt het Specialistische Technische Hulpverlening (STH) team-West gealarmeerd. Het team formeert in Alphen aan den Rijn en rukt uit met een tankautospuit, twee haakarmen vol materieel en een personenbus.
Hulpverleningsteams
Ook STH-Midden is snel op locatie. Kort nadat de STH-teams een opstelplaats voor het materieel bij de incidentlocatie hebben ingericht, arriveert het USAR.NL (Urban Search and Rescue) team. Er woedt brand, de hulpverleners moeten wachten tot de situatie veilig is. De teams van STH-Midden en USAR.NL controleren de kelders. De teamleider van STH-West legt de brandweer en andere diensten uit hoe de hulpverleners communiceren met internationale fluitsignalen, zodat bij een onveilige situatie iedereen weet wat hij moet doen. Zodra het veilig is, beginnen de hulpverleners met het afpellen van het puin en het zoeken naar slachtoffers.
Elkaar versterken
Wat volgt, is een intensieve samenwerking tussen de hulpverleningsteams en de brandweer. USAR.NL-team Delta uit Hollands Midden wordt zondag ingezet. Teamleider Alexander Kruisman: “STH en USAR.NL werken nauw samen, waarbij er overlap zit in wat we kunnen. Maar er zijn ook aanvullingen op elkaar. Zo beschikt STH bijvoorbeeld over een kleine terreinwagen met een platte bak waarmee puin kan worden verplaatst. USAR.NL beschikt over speurhonden, een bouwkundig specialist en reddingswerkers met een paramedische achtergrond.”
Forensische opsporing
De situatie is instabiel. De explosie heeft een groot deel van het woonblok verwoest, een verderop gelegen deel vertoont beweging. “Twee reddingswerkers schouwden continu of de situatie veilig was om in te werken”, vertelt Adrie van der Plas, Teamleider STH-West. ”De puinberg kon alleen van boven naar beneden worden afgepeld. We plaatsten de restanten van het puin op stalen platen om ze verder te onderzoeken. We deden dit uiterst voorzichtig, niemand wist wat er onder het puin lag. We werkten onder toeziend oog en begeleiding van de collega’s van de Forensische Opsporing (FO).”

GHOR
De GHOR speelde een essentiële rol in de coördinatie van medische zorg en slachtofferinformatie. “Een aantal slachtoffers werd opgevangen in onze regio,” vertelt Elmar de Waard, die op de dag van het incident bij GHOR Hollands Midden Hoofd Informatie Geneeskundige zorg (HIN-Gz) was. “In zo’n geval is het onze taak om informatie over deze personen te delen van de ziekenhuizen naar het Landelijk Operationeel Coördinatie Centrum (LOCC) met gebruik van het Slachtoffer Informatie Systematiek (SIS). Deze informatie werd vervolgens gebruikt door het team van ‘ikzoekmijnnaaste’ waar ongeruste naasten contact mee konden opnemen als ze vermoedden dat hun dierbare betrokken was bij de explosie.
Waardevol en intensief
Voor GHOR Hollands Midden bood dit incident een waardevolle gelegenheid om het SIS in een realistische crisissituatie te testen en door te ontwikkelen. “Het was de eerste keer dat we met het SIS konden oefenen in een situatie waarbij een incident formeel in een andere regio (Haaglanden, red.) plaatsvond”, aldus Sanne Kruijs, dienstdoende Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg. “Dit heeft ons waardevolle inzichten opgeleverd voor toekomstige inzet.”
Voor alle hulpverleners was dit overigens een unieke inzet. “Niet eerder hebben we in Nederland een inzet gehad waarbij STH en USAR.NL zo lang intensief hebben samengewerkt”, zegt Alexander. “Dit laat zien dat wij als hulpverleningsdiensten in staat zijn om een complexe situatie snel en gestructureerd op te lossen.”
Ga terug