Ga terug
  • Hans Démoed coördinerend functionaris BGC

'We moeten onze weerbaarheid vergroten'

Hoe maken we de samenleving weerbaar tegen (nieuwe) risico’s als cybercriminaliteit, de gevolgen van klimaatverandering en alle huidige geopolitieke spanningen? Waar staan gemeenten voor aan de lat en wat moeten inwoners zélf doen als het echt misgaat? Die discussie zal komende tijd volop gevoerd worden, verwacht Hans Démoed, de nieuwe coördinerend functionaris van de afdeling Bevolkingszorg en gemeentelijke crisisbeheersing (BGC).

Sinds 1 januari van dit jaar is Hans, in het dagelijks leven gemeentesecretaris in Kaag en Braassem, verantwoordelijk voor de organisatie van Bevolkingszorg en voor de gemeentelijke crisisbeheersing in de regio Hollands Midden. Hij doet dat in samenspraak met een afdelingsmanager, die de directe organisatorische aansturing van BGC doet. Deze afdeling is sinds begin dit jaar ondergebracht bij de sector Risico- en Crisisbeheersing (RCB) van VRHM.

Zijn onze gemeentelijke crisisfunctionarissen genoeg geoefend? Zijn we in staat op te schalen als dat nodig is? Hebben we voldoende mensen beschikbaar voor alle piketten? Hoe verloopt de afstemming tussen de crisisfunctionarissen van gemeenten en VRHM? Dat zijn allemaal vragen waar Hans zich mee bezighoudt. Als coördinerend functionaris van BGC zet hij strategisch de lijnen uit. Vanuit die hoedanigheid maakt hij ook deel uit van de Veiligheidsdirectie van VRHM, waarin de ambtelijk eindverantwoordelijken van de belangrijkste partners binnen de veiligheidsregio vertegenwoordigd zijn.

Twee uitdagingen

In zijn nieuwe rol ziet hij twee belangrijke uitdagingen: “Allereerst weten we allemaal dat gemeenten het in 2026 financieel heel zwaar krijgen. We noemen dat in gemeenteland ook wel het Ravijnjaar. Als er minder geld beschikbaar is, dan zit er meer druk op van alles. Dus ook op Bevolkingszorg. Mijn zorg is: houden we dan nog genoeg middelen en mensen over om deze taak goed te kunnen vervullen? Zijn we nog in staat genoeg te oefenen? Kunnen we nog opschalen als dat nodig is? En zijn er in de toekomst nog genoeg goed opgeleide functionarissen beschikbaar?”

Die vraag is extra actueel nu er tegelijkertijd steeds meer een beroep op onze collectieve weerbaarheid wordt gedaan. Hans: “Er is veel dynamiek in de samenleving. Denk aan alle geopolitieke spanningen, de angst voor cyberaanvallen en alle gevolgen van klimaatverandering die we nu al ervaren. De vraag is wat we als gemeenten nog kunnen waarmaken als de nood aan de man komt. Of anders gezegd: hoe zorgen we ervoor dat de samenleving weerbaar is? En wat moeten inwoners wellicht zelf organiseren? Daar zullen we het gesprek over moeten gaan voeren.”

Rondje langs de velden

In 1992 startte hij zijn carrière als adviseur crisisbeheersing in de toenmalige gemeente Alkemade. “Ik herinner me dat het flink leuren was om aandacht voor het thema veiligheid te krijgen. Het moest altijd concurreren met andere beleidsterreinen zoals welzijn, onderwijs of ruimtelijke ordening. Die tijd is gelukkig voorbij. Ik ben er trots op als ik zie wat we inmiddels op het gebied van Bevolkingszorg al neergezet en gedaan hebben de afgelopen jaren. Zo hebben we onlangs weer een mooie opleidingsgids samengesteld om functionarissen van de juiste scholing te blijven voorzien en ik bespeur veel energie bij de adviseurs crisisbeheersing van onze gemeenten. Maar we moeten wel in beweging blijven.”

‘In beweging blijven’ betekent voor hem allereerst een ‘rondje langs de velden’ maken. “Ik ga met allerlei betrokkenen in de keten in gesprek, om nog scherper te krijgen waar wij wel en niet van zijn en wat daarvoor nodig is. Met de gemeentelijke adviseurs crisisbeheersing, maar ook met partners van VRHM. Omdat de risico’s veranderen, verandert ook het speelveld. Dat betekent dat we soms nieuwe partners moeten opzoeken of de afspraken met oude partners moeten aanscherpen. Delen we de opvatting dat de wereld verandert? En delen we de opvatting dat we het samen anders moeten gaan doen? Als dat het geval is, kunnen we aan de slag.”

Urgentie aanwakkeren

De vraag is dan wel: hebben we die tijd nog, gezien alle ontwikkelingen van de laatste tijd? Hans: “Aan de ene kant is er de urgentie om aan de slag te gaan. Aan de andere kant hebben veranderingen tijd nodig. Anders beklijven ze niet. En we moeten wel iedereen meenemen. Dus ja en nee. Ja, we moeten dit zorgvuldig doen. En nee, dat proces kunnen we niet uitstellen. We moeten nu verder.”

Hij hoop dat zijn ronde langs alle spelers in de keten de urgentie en het belang van de doorontwikkeling van Bevolkingszorg aanwakkert: “Als we erin slagen de aandacht voor alle nieuwe bedreigingen te vergroten, dan zullen we dat gaan terugzien. Ik zou het mooi vinden als we dat bijvoorbeeld kunnen zien in meer deelname van functionarissen aan opleidingen, trainingen en piketten. Ook hoop ik VRHM en gemeenten nog wat dichter bij elkaar te kunnen brengen. We hebben veiligheid via een gemeenschappelijke regeling organisatorisch op afstand gezet bij VRHM. Maar ik zeg tegelijkertijd altijd: ‘Dit zijn eigenlijk onze veiligheidscollega’s’. Ik zou het mooi vinden als dat besef ook wat meer groeit. We moeten dit namelijk met elkaar doen.”

Ga terug